Hart voor Delft kijkt er naar uit!

Onze fractie heeft vaker aandacht gevraagd voor de bezuinigingen op het welzijnswerk in Delft. Hart voor Delft is blij met ieder initiatief dat vanuit de bevolking en vrijwilligers komt. Deze initiatieven verdienen wat ons betreft de maximale waardering en ondersteuning. Op Hart voor Delft kan men in ieder geval rekenen.

Het welzijnswerk in Delft staat de komende maanden op de politieke agenda en daar zal de fractie van Hart voor Delft haar mening over geven. Bram Stoop is samen met de fractie druk bezig om een goed beeld te krijgen van het huidige welzijnswerk in onze stad.

Dat neemt niet weg dat er al goede dingen gebeuren in Delft. In een aantal wijken zien we diverse initiatieven vanuit de Delftenaren zelf tot stand komen. Sinds een aantal maanden draait jongerencentrum de Border weer op volle toeren en de jeugd en hun ouders weten het centrum weer te vinden. Hart voor Delft volgt de ontwikkelingen op de voet bij de Border. Goed wijkwerk en welzijnswerk verbindt mensen. Dat is waar het wat Hart voor Delft betreft om gaat.

Hart voor Delft zou dit graag in alle wijken weer terugzien. Woorden zoals talentontwikkeling zijn mooi, maar daar bereik je onvoldoende de doelgroep mee. Hart voor Delft hecht grote waarde aan activiteiten met als doel onze jongeren goed in beeld te krijgen en er mee aan de slag te gaan. Deskundigen geven ook aan dat dit prioriteit moet krijgen na de coronapandemie. Een voorbeeld hoe dat kan was op 29 augustus weer te zien.

Op 29 augustus was het een drukte van belang bij jongerencentrum de Border, ondanks dat het zondag was. Onze fractievoorzitter Bram Stoop was er ook weer om te genieten van wat er plaats vond en ook om als raadslid tussen de jeugd en voor hen te zijn.
Meer lezen

Weerstand door misverstand?

buurthuisOnlangs is er nogal wat onrust ontstaan bij de bewoners aan de Brasserskade met betrekking tot de komst van een VMBO Praktijkschool in het huidige gebouw van de voormalige Daltonschool. Onder de bewoners is weerstand ontstaan, vermoedelijk door een misverstand. Een misverstand op het gebied van de doelgroep van dit praktijkonderwijs. De omwonenden zijn van mening dat het hier gaat om ‘Moeilijk Opvoedbare Kinderen’, terwijl de praktijkschool is gericht op ‘Moeilijk Lerende Kinderen.’ 

Het gaat hier dus niet om kinderen, die problemen veroorzaken, maar om kinderen (pubers) die moeilijk kunnen leren. Met het dossier “Dagopvang Surinamestraat” nog vers in het geheugen, zou de gemeente toch als geen ander moeten weten dat enige verandering in de wijk toch gevoelig ligt bij de wijkbewoners?! De bewoners maken zich tevens boos over het feit dat de informatieavond over het voorgenomen plan in feite een mededeling was. De juiste aanpak bij dit soort plannen richting bewoners en de wijze van communiceren blijkt nog steeds lastig te zijn. Zie ook: : http://www.omroepwest.nl/nieuws/bewoners-delftse-wijk-boos-over-komst-vmbo-school?utm_source=twitterfeed&utm_medium=twitter&utm_campaign=Feed:+westonline-nieuws+%28Westonline+Nieuws+Alle+regios%29

 Maar… waar gaat het nu precies over? De praktijkschool is een zelfstandige opleiding, die op dit moment is gehuisvest aan de Van Bleyswijckstraat (in het pand van Grotius College, VMBO). Dit gebouw van het Grotius College staat op het punt om gesloopt te worden in verband met toekomstplannen van het Spoorzone gebied. Om de leerlingen van de praktijkschool een goed onderkomen te bieden en de kosten zo laag mogelijk te houden zijn onder andere leegstaande schoolgebouwen onder de loep genomen, om eventuele grote verbouwingskosten te minimaal te houden. 

Hierdoor was het leegstaande schoolgebouw aan de Brasserskade de meest voor de hand liggende optie. Naast de school is een buurthuis (BWD) gevestigd. De bedoeling is dat het buurthuis onderdeel gaat worden van de school. De buurtactiviteiten blijven dus gehandhaafd. Onderdelen van de school, zoals een restaurant, hulp-/zorgverlening, (groen)onderhoud e.d. kunnen worden ingezet in de wijk.

Te denken valt aan:
– onderhoud van het openbaar groen;
– stageplekken ten gunste van bijv. het nabij gelegen zorgcentrum Monica;
– onderhoudsdienst ten behoeve van reparaties in de wijk (bijv. n.a.v. vernielingen o.i.d.);
– het koken en serveren van maaltijden voor bijv. ouderen en bewoners in de wijk (ter bevordering van sociale contacten en ter voorkoming van eenzaamheid).

Kortom: als de communicatie en voorlichting vanuit de Gemeente beter en intensiever was geweest, dan hadden omwonenden wellicht de komst van deze praktijkschool in hun wijk als een verrijking gezien in plaats van als een bezwaar.

Het is nu maar de vraag of de Gemeente dit voortijdig recht gepraat krijgt bij de boze omwonenden, want de tijd dringt.  Als bewoners  inderdaad bezwaar gaan aantekenen tegen eventuele vergunningen, dan is er slechts één doelgroep die tussen wal en schip dreigt te raken. In deze situatie de moeilijk lerende leerlingen van de praktijkschool.

Stadsbelangen Delft
Aad Meuleman

Bomvol maar inefficiënt

accommodatie 002 (2)‘De buurthuizen zitten bomvol’ De woorden van oud wethouder Rensen in één van zijn laatste gemeenteraadsvergaderingen klinken nog na. En toch besluit het college acht buurtaccommodaties te sluiten. Bijzonder te constateren dat vooral onder de verantwoordelijkheid van de PvdA in de afgelopen decennia heel veel ruimtebehoefte is gerealiseerd zonder kritisch stil te staan bij de soms voor de handliggende alternatieven.

De nota geeft aan: inefficiënt gebruik en het ontbreken van een integrale visie. Nog erger: veel verspilling van gemeenschapsgeld in combinatie met kritiek op eigen beleid. Daar moeten we het mee doen. 

Stadsbelangen heeft regelmatig gepleit voor het dubbel gebruik van locaties. Voortdurend hebben wij gevraagd om evaluatie van bestaand beleid (onder andere Knopen in de Wijk). Er werd steeds maar nieuw beleid ingevoerd. Het werd steeds terzijde geschoven en nu blijkt na al die jaren gemeenschapsgeld inefficiënt te zijn gebruikt. Zelfs een toezegging van wethouder Rensen, op basis waarvan een motie door de toenmalige oppositie in maart 2008 werd ingetrokken, over een klanttevredenheidonderzoek werd niet nagekomen.

Daarnaast werden de wijkaccommodaties onder de vlag gebracht van een dure organisatie (Breed Welzijn Delft). Alle vrijwilligers kwamen bij wijze van spreken onder curatele en veel van deze vrijwilligers liepen dus weg. De buurthuizen zijn de buurthuizen niet meer. Zo simpel is het verhaal.

Als uitgangspunt wordt nu gehanteerd dat het accent alleen wordt gelegd op mensen met een beperking, jongeren en ouderen. Dat is een aanmerkelijke koerswijziging. De accommodaties waren altijd gericht om wijkbewoners in hun wijk een ontmoetingsplek te geven. Dat wordt nu losgelaten en eigenlijk kun je je afvragen of het nieuwe accommodatiebeleid niet meer een soort verpleegaccommodatie gaat worden. De accommodaties die blijven bestaan richten zich niet meer op mensen die zichzelf kunnen redden.

Het is de wens van het college om te komen tot een dekkend netwerk van voorzieningen rekening houdend met de ruimtelijke begrenzingen en de verschillende behoeften per wijk. De nota geeft als uitgangspunt 15 minuten lopen om een accommodatie te kunnen bereiken. Als dat waar is, dan rijst toch de vraag waarom bijvoorbeeld afscheid wordt genomen van de Ooievaarsnest. Vanaf het Oostblok naar de Brasserskade is toch ruim 15 minuten lopen, zeker als je oud bent of een functiebeperking hebt. Men gaat wel uit van de beweegnorm van 30 minuten, maar gezien de doelgroep die wordt beoogd met het nieuwe beleid, mag worden afgevraagd of dit wel reëel te noemen is. Wij vinden van niet.

Prima dat men niet meer wil kijken naar afspraken vanuit het verleden, maar vooral naar actuele behoeften. Maar wat ons betreft blijft het doel van een buurtaccommodatie overeind.

Het college is in deze nota uitgegaan van een wel zeer technische benadering. Het aantal gebruikers in relatie tot het aantal m2. Als je dat op deze wijze zo technisch beredeneert, dan kun je gemakkelijk motiveren waarom het aantal accommodaties zo fors wordt teruggebracht. Wij dachten dat alleen in penitentiaire inrichting wordt aangegeven hoeveel vierkante meters iemand nodig heeft. Het Welzijnswerk is niet in vierkante meters uit te drukken en te berekenen. Ongelofelijk dat het college op deze wijze het besluit om buurtaccommodaties te sluiten wil verkopen. 

Wat het college niet aangeeft is wat de effecten zijn op de wijk van een buurtaccommodatie. Het gaat niet alleen om het bezoek aan een buurthuis. Een bezoek aan het buurthuis gaat door als men de deur achter zich dichttrekt. Wij missen overwegingen naar alternatieve oplossingen om tot de gewenste besparingen te komen, zodat niet alle voorgestelde accommodaties gesloten hoeven te worden. Het vierkante meter verhaal van het college is ons wat te gemakkelijk.

Over de rol van de BWD wordt het nodige geschreven, maar we missen in de nota de rol van de vrijwilligers. Wat is het effect geweest in positieve zin van het onderbrengen van alle buurtaccommodaties onder de vlag van de BWD? In feite geeft de nota het antwoord al. Inefficiënt en het ontbreken van een integrale visie. Niet alleen bij de BWD, maar vooral bij de colleges die vanaf 1998 verantwoordelijk zijn geweest voor dit beleid.

Door meer inzet van vrijwilligers zou het accommodatiebeleid naar onze mening goedkoper kunnen. Daarover vinden wij niets terug in deze nota. Hoewel wij begrijpen dat bezuinigingen noodzakelijk zijn, vindt Stadsbelangen dat het college met deze nota onvoldoende heeft gezocht naar alternatieve oplossingen om tot de noodzakelijke bezuinigingen te komen. Het simpel sluiten is wel erg gemakkelijk. De discussie krijgt een vervolg in de gemeenteraad van 13 oktober 2011.

Fractie Stadsbelangen Delft
Bram Stoop