Eerst maar eens woningen voor de Delftse burger!

Met een enorme krapte op de woningmarkt in Delft, pleit Stip nu voor huisvesting van duizenden aangemelde nieuwe studenten, terwijl er voor de Delftse starter nagenoeg geen woningen beschikbaar zijn. Fractievoorzitter Bram Stoop zei het al zoveel keer: “Wat er niet is, is er niet.”

Lees verder het artikel in AD Delft:
https://www.ad.nl/delft/internationale-studenten-laten-we-eerst-maar-eens-woonruimte-vinden-voor-de-delftse-burger~ae1ae5a1/

Bron: AD Delft
Foto: Fred Leeflang

Bram Stoop: “Je bent kansloos in Delft als je als starter een woning wilt in Delft”

Het ernstige tekort aan woningen is ook in Delft helaas de realiteit. Te meer omdat er voor een grote groep Delftenaren als jonge starters te weinig betaalbare woningen worden gebouwd. Maar ook bij jonge gezinnen worden schrijnende situaties zichtbaar.

Op 22 juni was er een beeldvormde sessie van raads- en commissieleden waar de problematiek van de jonge starters werd besproken. Hart voor Delft fractievoorzitter Bram Stoop was erbij en sprak zich uit voor aandacht voor deze groep vooral jonge Delftenaren die naarstig op zoek zijn naar zelfstandige woonruimte.

Lees hieronder een artikel van AD Delft waarin Delftenaar Robert Jan Kap al jaren zoekt naar een passende woning voor zijn gezin.

Gezin van Robert-Jan woont noodgedwongen op 35 m2: ‘Onze slaapkamer hebben we al opgegeven’

In Delft verschijnt het een na het andere nieuwbouwproject. Maar er wordt vooral gebouwd in het hoge segment. Mensen die op zoek zijn naar een betaalbare woning blijven met lege handen achter.

Zo’n 35 vierkante meter. Zo groot is de huurwoning, waar Robert-Jan Kap samen met zijn vriendin en 7-jarige dochter woont. Een echte badkamer is er niet. Douchen gebeurt in de gang, waar een soort inloopcabine staat.tekort,

,,Al sinds onze dochter geboren is, hebben we het plan om te verhuizen. Voor ons is dat geen overbodige luxe. En dat is nog een understatement. Het huisje waar we in wonen is veel te klein. Onze slaapkamer hebben we al opgegeven. Wij zitten nu in een aangrenzend hokje. Zo heeft die kleine in ieder geval een plek voor zichzelf en kan ze haar speelgoed kwijt.”

Onze slaapkamer hebben we al opgegeven. Zo heeft die kleine in ieder geval een plek voor zichzelf en kan ze haar speelgoed kwijt – Robert-Jan Kap

Er klinkt een diepe zucht aan de andere kant van de lijn. ,,Er zijn inmiddels al jaren verstreken en we zitten er nog steeds. Een betaalbare huurwoning in de vrije sector is in Delft onvindbaar. Alles gaat weg voor belachelijke prijzen.”

,,Neem die nieuwe flats die bij de Hoven uit de grond zijn gestampt. Die kosten al gauw rond de 1100, 1200 euro per maand. En dan heb ik het nog niet eens over de kosten voor een verplichte parkeerplaats, die er vaak ook nog bijkomen. Zoiets is alleen behapbaar voor iemand met een hoog inkomen.”

Onderspit delven

,,Ik vind het niet erg als iemand veel geld verdient, maar er moet ook wat zijn voor de lage en middeninkomens. Die delven in deze stad het onderspit. Wij zitten precies in de hoek waar de klappen vallen.”

Omdat het in Delft niet lukt om een woning te vinden, heeft de familie Kap haar zoekgebied inmiddels vergroot. Ook omliggende gemeenten als Rijswijk, Zoetermeer en zelfs Gouda en Rotterdam worden nu meegenomen. ,,Dat zou betekenen dat ons dochtertje naar een andere school zou moeten. Het is heel jammer, maar je hebt geen keus. Wie een beetje woning voor een betaalbare prijs wil, is in Delft niet aan het juiste adres.”

De gewone man, waar de samenle­ving op draait, heeft in Delft weinig kans. Sterker nog: ze zijn gewoon kansloos – Bram Stoop

Kap is niet de enige die zich over de huizenmarkt in Delft opwindt. Ook Bram Stoop, fractievoorzitter van Hart voor Delft, steekt zijn ergernis niet onder stoelen of banken. ,,’Er komen allemaal nieuwe woningen bij’, wordt er geschreeuwd. Maar het is allemaal in het hoge segment. Hoe kun je nou een huis van vijf ton betalen?”

,,Delft is gewoon een yuppenstad aan het worden. De TU Delft is heilig en hoogopgeleide mensen zijn welkom. Ik heb het echt te doen met de rest die hier ‘huisje, boompje, beestje’ wil. De gewone man, waar de samenleving op draait, heeft hier weinig kans. Sterker nog: ze zijn gewoon kansloos. Ik zie het ook aan mijn eigen kinderen. Twee zijn er uit Delft verhuisd, omdat hier niets te krijgen is.”

Bron: AD Delft
Foto: Marcel Koelewijn