Kritisch akkoord Kadernota

Stadsbelangen Delft is in de gemeenteraad, ondanks enkele kritische kanttekeningen, wel akkoord gegaan met de Kadernota. De voorbereidingen voor deze Kadernota hadden dit keer een bijzonder karakter. In samenwerking met zowel oppositie- als coalitieparijen, het college en de ambtelijke organisatie is deze nota tot stand gekomen. Mede onder druk van de Meedenkbegroting die Stadsbelangen Delft, het CDA en de ChristenUnie hadden ingediend bij de Programmanbegroting 2017-2020.
Meer lezen

Bom onder Ondernemersfonds?

Recentelijk heeft het bestuur van het Ondernemersfonds een enquête uitgevoerd onder de ondernemers om te zien of men tevreden is over dit fonds. Alle ondernemers en ook bijvoorbeeld sportverenigingen betalen via de OZB aanslag verplicht extra. Dit extra bedrag wordt door de gemeente overgemaakt naar het Ondernemersfonds.

Stadsbelangen Delft heeft met interesse het evaluatierapport gelezen en vond het schokkend te lezen dat het Ondernemersfonds van mening is, dat dit fonds moet worden voortgezet en daarmee de ondernemers verplicht extra op de OZB moeten bijdragen.

Als je het rapport kritisch leest, zou je zonder een woord van de tekst te veranderen, met hetzelfde gemak de conclusie kunnen trekken dat niet doorgegaan moet worden met het Ondernemersfonds.

Van de bijna 3.000 enquêteformulieren die zijn uitgezet onder ondernemers, zijn nog geen 300 formulieren terug ontvangen. Slechts 8% van de ondernemers hebben gereageerd. Afgevraagd moet worden of deze zeer beperkte respons representatief kan worden genoemd voor de conclusies die het Ondernemersfonds trekt op basis van het evaluatierapport. Ook de conclusie om hiermee door te gaan. Op geen enkele wijze was in het enquêteformulier de vraag gesteld of ondernemers en sportverenigingen van mening zijn dat dit fonds wel of niet moet worden voortgezet.

Een deel van de retour ontvangen formulieren gaf aan, dat er ondernemers zijn die niet eens weten dat zij via de OZB meebetalen aan dit fonds. Een aantal sportverenigingen hebben onze fractie laten weten helemaal geen idee te hebben dat zij meebetalen aan het Ondernemersfonds. Dat lijkt logisch, want dit staat ook niet apart vermeld op de OZB aanslag. Aan het aanslagbiljet kan dus niet worden afgeleid, of er een verplichte bijdrage wordt geleverd aan het Ondernemersfonds.

Ook over waar het geld aan wordt besteed, hebben ondernemers weinig invloed, behalve een beperkte groep ondernemers die zich graag laten zien op borrel- en netwerkbijeenkomsten. Waarom moet een open dag bij DSM door het Ondernemersfonds worden gefinancierd of elektrische laadpalen in de TU wijk? Het ligt toch meer voor de hand dat dergelijke  activiteiten voor wat betreft deze voorbeelden door respectievelijk DSM en de TU worden gefinancierd? En dan hebben we het nog niet over het mooie project ‘boerenkool met bubbels’. En dat in een tijd waar veel ondernemers moeite hebben hun hoofd boven water te houden, soms failliet gaan, maar wel mee moeten betalen aan speeltjes van enkelen.

Stadsbelangen Delft heeft in de raadsvergadering aangegeven dit jaar nog met de wethouder en raad in gesprek te willen gaan over dit evaluatierapport en dan pas voor 2014 een besluit te nemen over het al dan niet doorgaan met het extra innen van gelden bij ondernemers via de OZB. De wethouder zegde toe het evaluatierapport dit jaar nog aan de raad te sturen. Wat Stadsbelangen Delft betreft is het lang niet zeker, dat dit Ondernemersfonds op deze wijze moet worden voortgezet.

Lees hier het rapport:
evaluatierapport

Fractie Stadsbelangen Delft
Aad Meuleman

 

Webcolumn: ‘Geen fusie’

De afgelopen dagen werden vertegenwoordigers van Stadsbelangen Delft door diverse inwoners aangesproken met de woorden: ‘Ik las in de krant dat jullie zijn gefuseerd’. Gelukkig konden we uitleggen dat dit niet het geval was. Stadsbelangen Delft is met niemand een fusie aangegaan.

Als je wilt fuseren, dan moet je vertrouwen hebben in de ander. In Delft is het onmogelijk om een fusie aan te gaan met Leefbaar of Onafhankelijk Delft of hoe die partijen in de toekomst ook gaan heten. De twee voormannen Jan Peter de Wit en Martin Stoelinga hebben Delft de afgelopen twaalf jaar vooral getrakteerd op ruzies, zowel onderling, intern als extern. Een komen en gaan van mensen uit die partij of recentelijk nog iemand, die zonder enige vorm van wederhoor eruit werd gezet. Bovendien laten zij zich leiden door landelijke hypes om daar op mee te liften, want dat scoort lekker.

Toen Pim, Rita, Geert en zelfs even Roemer hoog in de peilingen stonden, liepen zij daar probleemloos achteraan. Dat noemen zij ‘hart voor de stad’. Dat de Delftse kiezer hier niets aan heeft, is kennelijk van minder belang. Het wachten is op de volgende ruzie bij deze club. Dan heeft het geen zin om zelfs maar een fusie te overwegen. Partijen, die als strategie hebben gewoon overal tegen te zijn, zullen nooit een constructieve bijdrage leveren aan een beter Delft.

Stadsbelangen Delft heeft nooit achter landelijke hypes aangelopen om de kiezer op een dwaalspoor te brengen en wij zullen dat in de toekomst ook niet doen. Wij houden ons bezig met de belangen van onze stad en haar inwoners. Lokale thema’s dus, want daar hebben wij wel invloed op en dat is waar onze inwoners op rekenen! Over de landelijke politiek kun je een mening hebben, maar daar hebben wij geen invloed op. Zijn we kritisch? Jazeker, maar niet met als doel om onder ‘de vlag van vrijheid van meningsuiting’ mensen te beschadigen of ruzie te maken omdat het zo lekker leest en scoort.

Daarnaast willen wij vooral constructief meedenken en meewerken met iedereen die het beste voor heeft met onze stad. Vandaar onze nieuwe actie met de winkelwagenmuntjes, waarop vermeld staat: ‘Uw boodschap is ons werk’ Dat moet de ambitie en taak zijn van een Stadspartij. Dat is waar Stadsbelangen Delft voor staat als dé Stadspartij van Delft. Sinds 1985!

Bestuur en fractie Stadsbelangen Delft
www.stadsbelangendelft.nl

Werkbezoek Jeugd en Gezin

werkbezoek_grootDinsdagavond 23 april was er voor raad en commissieleden gelegenheid om in debat te gaan met het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Initiatiefnemers waren Stichting Kwadraad, Stichting Jeugdgezondheidszorg Zuid-Holland West en Bureau Jeugdzorg Haaglanden.

Doel van het werkbezoek
Het CJG in Delft heeft de afgelopen jaren volop gewerkt aan een goede en laagdrempelige ondersteuning voor gezinnen en jeugdigen op het gebied van opvoeden en opgroeien. Op dit moment worden op bestuurlijk en politiek niveau (zowel landelijk als lokaal) voorbereidingen getroffen voor een nieuwe inrichting van het jeugdzorgstelsel. 

Deze nieuwe inrichting –waarbij gemeenten verantwoordelijk worden voor alle zorg voor jeugd- biedt kansen om de uitvoering van deze zorg verder te verbeteren. Ook in Delft zal dit gevolgen hebben voor de toekomstige organisatie/structuur, inhoudelijke taken en de financiering van het gehele lokale jeugdbeleid.

Om de betrokkenen raads- en commissieleden meer kennis te laten maken met de uitvoeringspraktijk, wilden de Delftse CJG-partners een werkbezoek organiseren om de dagelijkse uitvoeringspraktijk van de CJG-professionals goed in beeld te brengen. Op deze manier konden zij de informatie over de mogelijkheden/kansen en belemmeringen, die CJG-professionals in de praktijk ervaren bij de uitvoering van de zorg voor kinderen en jeugdigen, overbrengen. Daarnaast konden lokale bestuurders met de CJG-professionals in gesprek en debat over zowel de kansen als de dilemma’s rondom het nieuwe stelsel. 

Voor mij als hulpverlener was er veel herkenbaar in de presentatie  maar toch waren er een aantal zaken, die verhelderend voor mij hebben gewerkt. Zoals iedereen weet, ben ik tijdens commissievergaderingen kritisch op de hulpverlening en vaak ook terecht. Eerlijk is dan ook om niet alleen kritisch te zijn, maar ook de discussie aan te gaan met organisaties, zoals het CJG.

Wat mij daarnaast opviel was dat mensen, die structureel via de media, en wat al niet meer, kritiek hebben op de hulpverlening, er deze avond niet bij waren. In totaal maar 8 raads- en commissie/niet raadsleden. Opvallend was ook de afwezigheid van de PvdA en CDA Delft. Kortom helaas weinig politieke interesse voor dit belangrijke item, waar velen hun mond van vol hebben. 

Bram Stoop
Stadsbelangen Delft

‘Gedragscode decoratie prullenbak’

prullebakSinds de invoering van het lokale dualisme in 2002 werden de gemeenteraden in Nederland wettelijk verplicht om een gedragscode vast te stellen. Een code waarin iedere gemeenteraad met elkaar afspraken moest maken en vastleggen over hoe men in de desbetreffende gemeenteraad onder andere met elkaar wenste om te gaan. Doel hierbij was dat iedereen zich ook aan de vastgestelde gedragscode zou houden. Overigens geen juridisch document. 

Vanaf de invoering van de wettelijk verplichte gedragscode, heeft deze code geleid tot allerlei gedoe, omdat er altijd wel een aantal gemeenteraadsleden te vinden zijn, die zich willens en wetens, terecht of niet terecht, niet aan de vastgestelde gedragscode wensen te houden. En wat doet een gemeenteraad dan.

Ik denk nog wel eens terug aan het monistische stelsel. Dat stelsel kende geen wettelijke verplichte gedragscode, waren er wel wat geschreven en ongeschreven regels, werden felle discussies gevoerd, maar hoefde niemand zich zorgen te maken over omgangsvormen. Iedereen hield zich simpel aan de geschreven en ongeschreven regels. Gewoon zoals volwassen mensen en zeker raadsleden horen te doen. Vrijwel nooit gedoe.     

Stadsbelangen heeft zich in de afgelopen jaren steeds kritisch opgesteld over deze gedragscode, want wat heb je aan een gedragscode als er geen handhavinginstrumenten zijn. Dit nog los van de gedachte dat het te zot voor woorden is, dat volksvertegenwoordigers met elkaar moeten afspreken hoe zij met elkaar zouden moeten omgaan.

Recentelijk heeft de Minister van Binnenlandse Zaken de Delftse gemeenteraad geantwoord naar aanleiding van een voorbeeld die aan haar was voorgelegd. Het ging hierbij om het feit dat raadsleden burgers hadden bijgestaan bij een gerechtelijke procedure tegen de gemeente. Ook voerde een raadslid het woord bij de bezwaarcommissie, terwijl hét podium van een raadslid toch de gemeenteraadsvergadering is. In de Delftse gedragscode is afgesproken dat raadsleden burgers niet bijstaan bij de bezwaarcommissies. Dit met het oog op mogelijke tegenstrijdige belangen.

Ook werd in het voorbeeld aan de minister gevraagd hoe zij aankeek tegen een situatie, waarbij raadsleden kosten voor juridische bijstand van burgers, die een procedure tegen de gemeente voeren, voor hun rekening nemen. Het antwoord van de minister was bijzonder. Wettelijk mag het allemaal, maar of het wenselijk is, dat raadsleden dergelijke acties uitvoeren, was zeer de vraag. De minister adviseerde om dit te regelen in de gedragscode en als een raadslid zich daaraan niet houdt, het betreffende raadslid hierop aan te spreken. 

Conclusie is dus, dat volgens de minister de raadsleden elkaar tot Sint Juttemis kunnen blijven aanspreken als men zich niet houdt aan afspraken, die in de gedragscode zijn vastgelegd. Verder dan dat zijn er geen handhavinginstrumenten beschikbaar. Hiermee kan de gedragscode worden afgevoerd. We hoeven voortaan dus geen onnodige energie meer te besteden aan zaken die veel energie kosten en uiteindelijk nergens toe leiden. De raad kan dan weer al haar energie gebruiken voor zaken waar écht energie aan besteed moet worden.

Mijn voorstel zou zijn om de gedragscode aan te passen en daarin één zin op te nemen, namelijk: ‘We spreken af, dat we niets afspreken’. Vervolgens de gedragscode netjes inlijsten, bijvoorbeeld ‘Delfts Blauw’ lijstje, en bewaren op een mooie plek, namelijk:
‘de prullenbak.’ 

Aad Meuleman

Extra kaders studieregeling

kadersDe gemeenteraad heeft in de raadsvergadering van 23 februari 2012 een motie van Stadsbelangen en de SP inzake de beoordeling van studievergoedingen voor oud wethouders  unaniem aangenomen. 

Leefbaar Delft heeft enige tijd geleden terecht  haar ongenoegen geuit en vragen gesteld aan het college over de toekenning van een forse studievergoeding aan oud wethouders. Op basis van de beantwoording op de vragen van Leefbaar Delft, heeft Stadsbelangen aanvullende vragen gesteld.

De beantwoording van het college op onze vragen, gaf voor onze fractie aanleiding deze kwestie nog eens nader te bezien en kritisch te kijken naar de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (APPA), waarin onder andere een mogelijkheid wordt geboden voor oud wethouders om in aanmerking te komen voor een studievergoeding.

In tegenstelling tot de beantwoording van het college, bleek er voor de gemeenteraad wel degelijk een mogelijkheid te zijn om extra kaders aan het college mee te geven indien in de toekomst door oud wethouders verzoeken worden gedaan om in aanmerking te komen voor een studievergoeding.

Reden voor onze fractie het initiatief te nemen om hierover een motie in te dienen samen met de SP fractie. Het college heeft nu van de gemeenteraad de opdracht mee gekregen om voortaan  in voorkomende gevallen, waarbij oud wethouders een verzoek doen voor het volgen van een opleiding, bij de beoordeling van een re integratieplan, zoals genoemd in het besluit APPA, expliciet rekening te houden met:

– de reeds genoten opleiding en op basis daarvan de kansen op de arbeidsmarkt;
– bij beoordeling van opleidingsverzoeken van oud wethouders zowel de plichten als de rechten op het gebied van re-integratie activiteiten inclusief opleidingsmogelijkheden, zoals die ook gelden voor mensen die werkloos zijn, te betrekking bij de definitieve beslissing;
– en het plan niet vast te stellen als niet wordt voldaan aan bovenstaande punten.

Fractie Stadsbelangen Delft
Aad Meuleman