Bram Stoop geeft tijdens raadsvergadering dd. 1 april 2026 reactie op advies verkenner CO Engberts
Allereerst voorzitter wil ik namens de kersverse fractie van Hart voor Delft aangeven dat we de gesprekken bij de verkenner, de heer Co Engberts, als prettig hebben ervaren en van zijn advies kennis hebben genomen. Hierbij bedanken wij ook de heer Jeroen Mimpen vanuit de griffie voor de heldere verslaglegging van onze gesprekken.
Voorzitter D66, STIP en PRO hebben het voornemen om met z’n drieën verder te gaan. Ze kennen elkaar goed en dat is onder andere een groot voordeel, zeggen ze. Ze hebben 22 zetels waarvan 4 restzetels, dus alles is niet zo positief zoals het lijkt. STIP 5 , PRO 7 en D66 6. De restzetels zijn eigenlijk hun redding op een meerderheid, maar zo werkt het nu eenmaal. De vraag die bij ons op kwam was: ‘wie zouden ze er bij gekozen hebben als ze de restzetels niet hadden?’ Dat is nu niet meer van belang, maar toch! Dan nu even de reactie op het advies.
Opvallend is dat we bij een aantal partijen genoemd worden als mogelijke gesprekspartner. Dat doet ons goed. Daarbij was de reactie van STIP stellig. Zij wilden geen vierde partij erbij omdat dit de daadkracht van het nieuwe college zou kunnen schaden. Het lijkt erop dat de studentenpartij hun zin hebben gehad gezien het advies. Hart voor Delft vindt hier dan ook wel wat van, want het kwam bij ons nogal arrogant over. Alsof ze willen zeggen: kijk is hoe fantastisch wij zijn. Daarbij maken ze volgens ons en dan bedoel ik ook de drie partijen een grote denkfout. Dat baart ons zorgen.
Wij spreken onze zorgen uit over het gebrek aan inclusiviteit bij de vorming van een nieuw college in Delft, zoals men nu van plan is.
Dit staat namelijk volgens Hart voor Delft in schril contrast met recente inzichten uit het onderzoek van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. Het rapport laat klip en klaar zien dat praktisch opgeleide raadsleden – en daarmee de groepen die Hart voor Delft juist vertegenwoordigt – structureel minder invloed ervaren binnen het politieke proces. Praktisch opgeleiden staan verder van de politiek – en verdienen juist daarom een stem aan tafel. Het rapport concludeert dat een inclusieve en divers samengestelde gemeenteraad essentieel is voor een gezonde lokale democratie. Dat laatste gaat er niet komen als alles gaat gebeuren zoals in het advies van de heer Engberts staat.
Hart voor Delft ziet hierin een duidelijke bevestiging van wat veel inwoners in Delft al langer ervaren, namelijk: dat de lokale politiek te vaak wordt gedomineerd door hoger- en academisch opgeleiden, terwijl praktisch opgeleide Delftenaren – een grote en belangrijke groep in de stad – onvoldoende worden gehoord. Dat is geen verhaal maar een feit waar we mee te maken hebben.
Hart voor Delft vertegenwoordigt juist deze brede en vaak ongehoorde groep Delftenaren. Het college, zoals men nu wil samenstellen, is zeker geen afspiegeling van de Delftse samenleving. Wij vinden dit dan ook een gemiste kans, zoals wij dat ook bij de verkenner hebben aangegeven.
Met 6201 stemmen is Hart voor Delft opnieuw de grootste oppositie partij in Delft, die zich onder andere inzet voor praktisch opgeleide inwoners, vakmensen en doeners. De partij staat midden in de samenleving en richt zich op de mensen die de stad draaiende houden: van zorgmedewerkers, politieagenten, loodgieters, chauffeurs, winkelmedewerkers, dakdekker en stratenmaker en mensen met afstand op de arbeidsmarkt etc. etc.
Het verkiezingsprogramma van Hart voor Delft benadrukt dat deze groepen essentieel zijn voor een leefbare stad. Hart voor Delft pleit dan ook nu hier vanavond voor lokaal bestuur dat luistert naar álle Delftenaren en deze ook breed vertegenwoordigt in het college van B&W. Het lijkt erop dat in toekomstige college ruim 90 % van de bestuurders uit hoogopgeleide mensen bestaat.
Het besluit om Hart voor Delft niet te betrekken bij de vorming van een nieuw college is daarom niet alleen politiek onwenselijk, maar ook democratisch problematisch. Het versterkt het gevoel van afstand tussen politiek en samenleving, juist bij de groepen die al minder vertegenwoordigd zijn. Het is ook niet zo dat wij hierover verantwoording voor hoeven af te leggen, maar de coalitiepartijen wel in dit geval. Wij vragen ons dan ook in alle eerlijkheid af of zij zich wel beseffen wat de gevolgen zijn als deze vorming van het college doorgang gaat vinden.
Een inclusief stadsbestuur vraagt namelijk om meer dan zetels tellen. Het vraagt om het actief betrekken van partijen die verschillende groepen in de samenleving vertegenwoordigen. Delft is een stad van contrasten – van hightech en vakmanschap, van universiteit en ambacht – en verdient een bestuur dat deze belangrijke diversiteit weerspiegelt en dan vooral hier in het stadhuis.
Hart voor Delft doet daarom een dringende oproep aan PRO, D66 en Stip om dit alsnog mee te nemen bij de definitieve formatie en sta open voor veranderingen. Alleen zo kan Delft rekenen op een bestuur dat recht doet aan de volledige breedte van de samenleving. Want voorzitter met elkaar doorgaan doe je niet alleen omdat je elkaar goed kent, maar ook eens denken hoe kunnen we elkaar wat betere leren kennen. En dat is nu juist waar het aan ontbreekt bij deze formatie poging.
Wat als Hart voor Delft werkelijk in de oppositie terecht komt? U kunt erop rekenen dat wij op een constructieve manier oppositie zullen voeren. We lezen ook dat we mee mogen denken over de toekomstige plannen met de drie partijen. Dit voorstel komt dan via de verkenner van de partijen die nu zeggen: we hebben jullie nu niet nodig, we gaan het met z’n drieën oppakken. Ook nu roept de burgemeester dat de manier zoals wij omgaan met elkaar in de gemeenteraad een voorbeeld is voor andere gemeenten. Wat dat betreft zal dat niet aan ons liggen, maar we maken nu in ieder geval een valse start.
Tenslotte voorzitter, u begrijpt wel dat HVD zich nog niet neer heeft gelegd bij het voorstel van de verkenner. Wij wachten af op wat komen gaat en weten namens wie wij het doen, namelijk de 6001 stemmen waarvan we hopen dat deze ook serieus genomen gaan worden. Dat zijn tenslotte de stemmen die de formerende partijen niet bereiken.
Bram Stoop
fractievoorzitter
Hart voor Delft

Laat een reactie achter